Actueel

roken wereldwijd (II)

roken wereldwijd (II)

In deze artikelreeks schetsen we een historisch en actueel beeld van het fenomeen tabaksgebruik in onze wereld. We presenteren feiten, cijfers en overzichten en bespreken onder meer verslavingsaspecten, de effecten van roken en het imago in verschillende landen. Dit artikel bestaat uit 8 delen.

In dit tweede deel van het artikel bespreken we wat roken werkelijk is, kijken we naar enkele componenten van tabak en leggen we alvast iets uit over een herkenbaar wereldwijd patroon.

deel II - waar we het over hebben

De kortste omschrijving van het fenomeen roken luidt: “het inhaleren van smeulende tabak”. Tabakswinkels zijn in het legale circuit in Bhutan niet te vinden maar tabak is verder overal ter wereld vrij verkrijgbaar. Bij roken is in eerste instantie te denken aan sigaretten, sigaren en (water)pijp. Sigaretten worden vaak diep geïnhaleerd en voor sigaren en (water)pijp geldt dat men veelal de rook slechts in de mond zuigt en weer uitblaast.

nicotine en andere stoffen

Pure tabak is niet te roken, dat ervoer men in de oudheid al aangezien men daar primitieve bewerkingen uitvoerde om tabak voor consumptie geschikt te maken. Door bijvoorbeeld over tabak heen te plassen, wordt ammoniak aan het geheel toegevoegd waardoor de werking van een cruciale in tabak aanwezige stof, namelijk nicotine, wordt versterkt. Deze “transporteur” van andere (toegevoegde) stoffen bereikt na het inhaleren in ongeveer 7 seconden de hersenen. Zeer schadelijke, toegevoegde stoffen zijn onder andere diverse smaakstoffen (veraangenamend), broomhexine (dempt hoest), koolmonoxide (komt vrij bij verbranding en zorgt ervoor dat ook “meerokers” schade oplopen), teer (ook restproduct van verbranding dat opstapelt in het lichaam en zelfs via neerslag gevaar voor b.v. spelende kinderen oplevert) en verder stoffen als cadmium, mierenzuur, acetonitril, methanol, fenol en arsenicum. Tijdens onze cursus wordt ook de hoofdrol van de stralingsgevaarlijke stof polonium blootgelegd. Ook andere radioactieve isotopen, zoals bijvoorbeeld lood, vinden we terug in tabak als gevolg van veelgebruikte kunstmest soorten die de groei van de tabaksplant bevorderen. De uitgekiende compositie van (schadelijke) stoffen in het eindproduct zorgt er onder andere voor dat een sigaret: altijd te ontsteken is, de hoestprikkel en hongergevoelens onderdrukt, als stress verlagend en energie gevend wordt ervaren, laxerend werkt en volgens bijna elke roker een gezelligheid bevorderend effect realiseert.

ernst van het roken

Naast de absolute en relatieve aantallen rokers, is ook de intensiteit van het roken van belang om een totaalbeeld van de ernst van het roken te vormen. Ofwel, het gaat niet alleen om hoeveel mensen er roken en hoe de verdeling over b.v. geslacht en inkomensklassen is, maar ook om de frequentie van het roken (dagelijks of niet dagelijks) en om het aantal sigaretten dat mensen gemiddeld per dag roken. In het algemeen is men het erover eens dat roken een verslavende werking kent en grote gezondheidsrisico’s met zich meebrengt.

Als voorbeeld kunnen we enkele gegevens noemen m.b.t. het land van waaruit onze stichting opereert, namelijk Nederland. Jaarlijks overlijden in dit land circa 20.000 mensen aan de directe gevolgen van het gebruik van tabak (totale bevolking bijna 18 miljoen), hetgeen neerkomt op 55 tabaksdoden per dag. Circa 13% van alle sterfgevallen in Nederland zijn het gevolg van roken. De totale ziektelast voor de gezondheidszorg schommelt rond de 10%. De verslavende werking van tabak blijkt wel uit een studie van 2017. Daarin bewijst men dat ruim 65% van de jonge, beginnende rokers ook daadwerkelijk blijft roken en dus verslaafd raakt. Daarmee is roken in Nederland de belangrijkste veroorzaker van voortijdige sterfte.

patroon in tabaksconsumptie

De ontwikkeling van de tabaksconsumptie kent voor elk land in de wereld vanaf 1900 tot nu ongeveer eenzelfde patroon: gemeten naar het aantal verkochte sigaretten per persoon begint de curve vlak / traag, vindt daarna versnelling plaats en is voor veel landen een piek te zien in de jaren tussen 1960 – 1980 waarna vervolgens een forse daling inzet. Verschillende landen bevinden zich op verschillende punten op de curve maar het algemene beeld is een forse wereldwijde afname van tabaksconsumptie per persoon in de laatste decennia. Op dit moment rookt nog 22,8% van de wereldbevolking (WHO, 2020). In absolute zin stijgt het aantal geconsumeerde sigaretten nog wel, ingegeven door de bevolkingsgroei.