Actueel

roken wereldwijd (IV)

roken wereldwijd (IV)

In deze artikelreeks schetsen we een historisch en actueel beeld van het fenomeen tabaksgebruik in onze wereld. We presenteren feiten, cijfers en overzichten en bespreken onder meer verslavingsaspecten, de effecten van roken en het imago in verschillende landen. Dit artikel bestaat uit 8 delen.

In dit vierde deel van het artikel besteden we aandacht aan de fysieke en mentale aspecten van tabaksverslaving en leggen we uit wanneer, volgens wetenschappelijke inzichten, iemand als verslaafd kan worden aangemerkt.

 

deel IV - verslaving

De gedragsmatige verslaving aan roken geeft de illusie dat het helpt tegen onder andere stress, eenzaamheid, vermoeidheid, honger en verdriet. Diverse studies hebben inmiddels aangetoond dat juist het tegendeel waar is: alleen op de korte termijn levert het kortdurende verlichting op maar de lange termijn brengt niets dan ellende.

lichamelijke en geestelijke component

Tabaksverslaving omvat een lichamelijk en een mentaal aspect. Lichamelijke verslaving duidt op het ontstaan van ontwenningsverschijnselen wanneer de roker in kwestie zich onthoudt van tabaksconsumptie. Met deze verschijnselen is op zich wel te leven en naarmate men langer is gestopt, worden ze ook steeds minder krachtig. Het brein speelt echter in samenwerking met de tabaksindustrie een spel om te zorgen dat je life-long customer blijft. Na het inhaleren van een eerste trekje bereikt nicotine je hersenen. Meteen voel je ontspanning en kun je zogenaamd weer “opgelucht” ademhalen. Echter, na de sigaret te hebben gedoofd, zakt het nicotineniveau geleidelijk. En start de hunkering naar nieuwe nicotine in je lichaam. Je raakt en blijft hierdoor zowel lichamelijk als vooral geestelijk verslaafd.

diagnose en ernst van de verslaving

Met de eerste sigaretten die een verslaafd persoon in de ochtend rookt, bouwt hij of zij een basis nicotineniveau in het bloed op dat door de volgende sigaretten gedurende de dag ongeveer in stand wordt gehouden. Doordat in de nacht dit niveau weer inzakt, voelen vrijwel alle rokers na het ontwaken een sterkere nicotinebehoefte. Uit onderzoek blijkt dat de ernst van de verslaving betrouwbaar is af te meten aan de tijd die verstrijkt tussen het moment van ontwaken en het opsteken van de eerste sigaret. Hoe korter die tijd, hoe ernstiger de verslaving.

Net als bij andere verslavingen blijkt dat een roker in de loop der tijd steeds meer tabak moet consumeren om dezelfde effecten te realiseren. Ongemerkt gaan de meeste mensen in de loop van hun rokersjaren dan ook steeds meer en vaker roken. De zogenoemde “tolerantie” is dan ook een belangrijk aspect van de verslaving.

De diagnose tabaksverslaving of nicotineafhankelijkheid kent volgens de DSM-5 11 criteria waaronder de tolerantie, meer gebruiken dan gepland, mislukte stoppogingen en het sterke verlangen naar tabak. Van een verslaving spreekt de DSM-5 als aan tenminste 2 criteria uit de lijst van 11 wordt voldaan én de persoon in kwestie onder zijn rookgedrag lijdt of er ernstige beperkingen door ondervindt. Verlangt u dus bijvoorbeeld naar uw volgende sigaret, zijn eerdere stoppogingen op niets uitgelopen en voelt u zich in grote lijn niet prettig met het feit dat u rookt, dan bent u volgens de wetenschappelijke normen verslaafd.